Jig

Een jig scheidt materialen op basis van verschillen in dichtheid - beter gezegd schijnbare dichtheid. Dit is het verschil in dichtheid van een materiaal ten opzichte van het medium waarin het materiaal zich bevindt: water in geval van een jig. Een jig wordt ook wel een dein- of een pulsatiemachine genoemd.

Jiggen is afkomstig uit de mijnbouw, maar wordt ook in de recycling industrie toegepast. Een toepassingsgebied is het scheiden van metalen uit grond.
Een jig is een licht hellende, langwerpige bak waarvan de onderzijde een zeefplaat is. Het te scheiden materiaal wordt in een continu proces aan het hoogste punt van de bak gevoed en komt op de zeefplaat terecht. Vervolgens wordt het water in een bak onder de zeefplaat in een pulserende beweging gebracht. Hierdoor stroomt het water door de zeefopeningen omhoog. Het materiaal op de zeefplaat wordt zo gefluïdiseerd. De kleine, lichte deeltjes worden verder meegenomen dan de zware, grote deeltjes. Als het water weer terugzakt, dan zakt het gefluïdiseerde materiaal in elkaar. De zware, grote deeltjes bezinken hierbij sneller dan de kleine, lichte deeltjes. Door dit proces te herhalen ontstaat een scheiding op basis van dichtheid, grootte en ook de vorm van het materiaal.
Iedere puls van het water zal het materiaal over de zeef naar het einde van de bak toe transporteren. Dit komt doordat de bak onder een lichte helling staat. Tijdens dit transport komt de zware fractie onder te liggen en de lichte fractie bovenop. Aan het eind van de bak kan men de beide fracties van elkaar scheiden.

De scheiding slaagt beter indien het verschil in schijnbare dichtheid groter is. Het water werkt hierbij niet alleen als fluïdisatie medium, maar zorgt er tevens voor dat het verschil in schijnbare dichtheid groter wordt.

label: 

J